Weer

Weerkaarten

Algemene luchtgesteldheid boven Europa

Een lagedrukgebied boven de Noorse Zee vult langzaam op en stuurt nog steeds koele en onstabiele oceaanlucht naar het noorden van de Britse Eilanden en Scandinavië. Het weer in deze gebieden is zeer wisselvallig, met periodes van regen of buien en maxima tussen 10 en 16 °C aan de Noorse en Schotse kusten die blootstaan aan westenwind, evenals op de eilanden in de Noord-Atlantische Oceaan. Begin volgende week zorgt een nieuw Atlantisch lagedrukgebied voor soms hevige neerslag op de Britse eilanden en later ook in Scandinavië.

Warme lucht vinden we momenteel terug in een groot deel van het zuidoosten van Europa en in het Middellandse-Zeebekken. Het is er meestal zonnig met in de laag gelegen gebieden in het binnenland maxima tussen 30 en 40 graden. Soms kunnen er lokaal wat buien of onweders ontstaan, vooral in bepaald bergachtige streken zoals de Pyreneeën en de Alpen.

De grens tussen de koele lucht in het noordwesten van het continent en de warme luchtmassa in het zuidoosten strekt zich uit van Frankrijk tot de Baltische staten, via Midden-Europa en Oost-Duitsland; daar staan onweders op het programma. Een hogedrukgebied stabiliseert de atmosfeer echter in eerste instantie van Zuid-Engeland tot de Benelux, en vervolgens ook van Duitsland tot Wit-Rusland.

Begin volgende week wint de warme lucht terrein in Noord-Europa, inclusief de Benelux, en breidt zich uit tot het zuiden van de Oostzee. Maar vrij snel neemt de onstabiliteit toe en volgen er weer enkele (onweers)onweders.

Legende van de frontkaarten

 

Oranje visgraatlijn: "convergentielijn" => duidt een zone aan waar de wind aan de oppervlakte samenstroomt. Deze convergentie aan de oppervlakte wordt geassocieerd met verticale opwaartse bewegingen, die vaak aanleiding geven tot een buienlijn of onweer. De convergentie kan in verband worden gebracht met twee samenkomende windfluxen, elk vanuit een verschillende richting, of met de aanwezigheid van een luchtlaag die warmer en vochtiger is dan zijn omgeving (thermische vore of thermisch lagedrukgebied).
Zwarte stippellijn: "trog"=> veroorzaakt verticale opwaartse bewegingen en leidt vaak tot stortbuien en/of een intensivering van de onweersactiviteit. In een trog is meestal een buienlijn aanwezig.
Rode lijn met halve cirkels : "warmtefront" => aanvoer van warmere lucht die vaak aanleiding geeft tot de vorming van een wolkenzone, die gepaard gaat met neerslag. Het front omvat de grens tussen de aangevoerde warme lucht en de koude lucht waarvan hij de plaats zal innemen. De positie van de halve rode cirkels toont de richting van de verplaatsing van het warmtefront.
Blauwe lijn met driehoeken : "koudefront" => aanvoer van koudere lucht die vaak aanleiding geeft tot de vorming van een wolkenzone, die gepaard gaat met neerslag. Het front omvat de grens tussen de aangevoerde koude lucht en de warme lucht waarvan hij de plaats zal innemen. De plaatsing van de driehoekjes duidt de richting aan waarin het koudefront zich verplaatst.
Paarse lijn met driehoeken en halve cirkels : "occlusiefront" => resultaat van de fusie tussen een warmte- en een koudefront. In het algemeen beweegt een koudefront sneller dan een warmtefront. Het haalt het warmtefront in om een uniek wolkensysteem te vormen, dat vaak aan de bron van neerslag ligt.
Afwisselend rode/blauwe lijn : "stationair front" => stationaire grens tussen een koude en een warme luchtmassa. De warme lucht bevindt zich achter de rode halve cirkels en de koude lucht bevindt zich achter de blauwe driehoeken.

Cookies opgeslagen