Weer

Weerkaarten

Algemene luchtgesteldheid boven Europa

Tussen een geïsoleerd lagedrukgebied ten noordwesten van het Iberisch Schiereiland en een hogedrukgebied ten noorden van de Britse Eilanden stroomt nog steeds zeer warme lucht over het Zuid- en Centraal-Europa. De onstabiliteit neemt geleidelijk toe boven Frankrijk en Centraal-Europa. In deze streken is het zonnig en zeer warm met aan het einde van de dag vorming van lokale onweders. De maxima liggen vaak rond of zijn iets hoger dan 30 graden, maar kunnen in Frankrijk boven de 35 graden uitkomen.

Donderdagavond breidt de onweersactiviteit zich noordwaarts uit richting onze streken en Duitsland. De doortocht van deze onweerszone brengt uiteindelijk minder warme lucht naar West-Europa, waardoor de maxima teruglopen naar waarden rond 25 graden in vele streken dit weekend.

In Zuid-Europa en het Middellandse Zeegebied is het warm en zonnig met maxima rond 30 graden langsheen de kustgebieden, en mogelijk meer dan 35 graden in het binnenland met pieken boven de 40 graden in Spanje. Onweersbuien zijn zeldzaam en beperken zich voornamelijk tot de bergachtige gebieden.

Boven de Britse Eilanden en een groot deel van Zuid-Scandinavië is het vrij zonnig met maxima tussen 15 en 20 graden langsheen de kust, 20 tot 25 graden in het binnenland en soms 30 graden in Engeland. Enkele regenzones trekken voorbij net ten noorden van Scandinavië. Nadien (aan het einde van de week) verwachten we een algemene weersverlechtering boven het schiereiland en de Britse Eilanden.

Legende van de frontkaarten

 

Oranje visgraatlijn: "convergentielijn" => duidt een zone aan waar de wind aan de oppervlakte samenstroomt. Deze convergentie aan de oppervlakte wordt geassocieerd met verticale opwaartse bewegingen, die vaak aanleiding geven tot een buienlijn of onweer. De convergentie kan in verband worden gebracht met twee samenkomende windfluxen, elk vanuit een verschillende richting, of met de aanwezigheid van een luchtlaag die warmer en vochtiger is dan zijn omgeving (thermische vore of thermisch lagedrukgebied).
Zwarte stippellijn: "trog"=> veroorzaakt verticale opwaartse bewegingen en leidt vaak tot stortbuien en/of een intensivering van de onweersactiviteit. In een trog is meestal een buienlijn aanwezig.
Rode lijn met halve cirkels : "warmtefront" => aanvoer van warmere lucht die vaak aanleiding geeft tot de vorming van een wolkenzone, die gepaard gaat met neerslag. Het front omvat de grens tussen de aangevoerde warme lucht en de koude lucht waarvan hij de plaats zal innemen. De positie van de halve rode cirkels toont de richting van de verplaatsing van het warmtefront.
Blauwe lijn met driehoeken : "koudefront" => aanvoer van koudere lucht die vaak aanleiding geeft tot de vorming van een wolkenzone, die gepaard gaat met neerslag. Het front omvat de grens tussen de aangevoerde koude lucht en de warme lucht waarvan hij de plaats zal innemen. De plaatsing van de driehoekjes duidt de richting aan waarin het koudefront zich verplaatst.
Paarse lijn met driehoeken en halve cirkels : "occlusiefront" => resultaat van de fusie tussen een warmte- en een koudefront. In het algemeen beweegt een koudefront sneller dan een warmtefront. Het haalt het warmtefront in om een uniek wolkensysteem te vormen, dat vaak aan de bron van neerslag ligt.
Afwisselend rode/blauwe lijn : "stationair front" => stationaire grens tussen een koude en een warme luchtmassa. De warme lucht bevindt zich achter de rode halve cirkels en de koude lucht bevindt zich achter de blauwe driehoeken.

Cookies opgeslagen